Politiek Beleidsplan

De politieke vereniging Lijst Pim Fortuyn Eindhoven is in 2004 opgericht vanuit de landelijke partij die in 2002 vanuit het niets met 26 zetels in de Tweede Kamer kwam.
Maar ...wat doen en willen  wij in Eindhoven? (Lees verder)

Fractieleden Lijst Pim Fortuyn


Rudy Reker
Fractievoorzitter

 
Reker-Lilian Wiebers
Fractiemedewerkster 

 

 

 

 

 

 


Damian Dassen
Commissielid Lijst Pim Fortuyn.
Bestuurslid JF
(Jonge Fortuynisten)

Jonge Fortuynisten

 
Stef Kleine Staarman
Voorzitter
Jonge Fortuynisten 

 
Timo Hoogerwaard
Secretaris
Jonge Fortuynisten

 

 

Bijdrage Lijst Pim Fortuyn in commissievergadering over allochtone probleemjongeren


Commissie BEZ/JGOSC 19 november 2007

Bijdrage Fractie Lijst Pim Fortuyn

Woordvoerder: AWJA van Hattem, raadscommissielid

Voorzitter,

Dit onderwerp is voor onze fractie van groot belang, vandaar dat wij een iets uitvoeriger betoog houden dan gebruikelijk. Onze fractie wil zich graag aansluiten bij de door het Ouderenappel naar voren gebrachte punten [link]. Ook wij waren zeer verbaasd dat bij de begrotingsbehandeling de PvdA plotseling over criminaliteitscijfers van allochtone jongeren bleek te beschikken die tot nu toe niet openbaar waren.

Nog verbaasder waren wij over het feit dat de PvdA zich plotseling wil opwerpen als de hoeder van de veiligheid in deze stad en deze met name Marokkaanse en Antilliaanse probleemjongeren met harde hand wil aanpakken.

Toch blijven ook nu weer concrete voorstellen uit en lijken de maatregelen niet verder te strekken dan de zachte hand van het welzijnswerk, waar het raamplan vooral van uitgaat. Dit terwijl de gemeente wel degelijk in staat is om maatregelen met harde hand toe te passen, zoals eerder ten opzichte van woonwagenbewoners.

De problematiek en de overlast van deze met name allochtone jongeren staat niet op zichzelf, zoals ook te nemen maatregelen niet beperkt kunnen blijven bij enkel welzijnswerk.

Wie in de stad om zich heen kijkt zal zien dat de problemen evident zijn: veel van deze jongeren – variërend in de leeftijd van amper 10 jaar tot achteraan in de twintig – hangen hele dagen op straat rotzooi te trappen, plegen vernielingen, plegen diefstallen, mishandelingen, hinderen weggebruikers en vallen voorbijgangers lastig, waardoor veel mensen niet meer met gerust hart over straat durven.
Zij beschouwen de straat als hun bezit, waar zij de baas zijn.

Hoe ernstig deze toestanden kunnen escaleren hebben we de laatste tijd in Amsterdam kunnen zien, waar rellen en autobranden – ook nu nog, zoals blijkt uit persberichten van de politie - aan de orde van de dag zijn. Maar niet alleen in de grote steden, ook in kleinere plaatsen als Roosendaal is de straatterreur schrikbarend. Vorig jaar heb ik dit in de Roosendaalse wijk De Kroeven zelf kunnen ervaren: bij een handtekeningenactie voor een cordater politieoptreden werden mijn partijgenoten en ik door de Marokkaanse probleemjongeren uitgescholden, geslagen en bekogeld met harde granaatappels. Bij een invalide buurtbewoner werd zelfs de deur van zijn portiek ingetrapt. Ook in Eindhoven is er niet veel voor nodig om op deze manier de vlam in de pan te laten slaan, daar deze jongeren zich nergens iets van aantrekken.

Om tot adequate oplossingen te komen is het belangrijk om ook de oorzaken in een brede context te analyseren. Enkele factoren die ik hierbij benoem zijn het falende immigratie- en integratiebeleid, het uitkeringenbeleid en veiligheidstoezicht- en handhaving. Maar zoals uit de woorden van de wethouder, de heer Dielissen van het Veiligheidshuis, mevrouw Van der Linden van de Lumensgroep en de heer Van der Linden van de politie blijkt wordt er weliswaar veel gedaan, naar ons idee zijn er echter nog meer structurele maatregelen nodig.

Ten aanzien van het eerste punt, het falende immigratie- en integratiebeleid, lijkt de gemeente Eindhoven als lokale overheid weinig invloed te hebben. Niets is echter minder waar: het Eindhovens college treft ruimhartige financiële regelingen in het kader van het generaal pardon – dit zonder een duidelijke maximering, het college weigerde een lijst met illegalen in het kader van de uitvoering van het generaal pardon beschikbaar te stellen aan het ministerie van Justitie en de boeteregelingen in het kader van de Wet Inburgering zijn gemarginaliseerd tot 1 euro door het college. Dit terwijl juist maatregelen op het gebied van immigratie en integratie belangrijk zijn om allochtone probleemjongeren structureel aan te pakken. Kettingmigratie zorgt namelijk voor een oververtegenwoordiging van allochtone bevolkingsgroepen in bepaalde stadwijken – een oververtegenwoordiging waar veel allochtonen zelf ook ongelukkig mee zijn zoals uit recent onderzoek bleek. Dit zorgt weer voor het ontstaan van zwarte scholen en een segregatie in de samenleving waar groepen allochtone probleemjeugd een gevolg van zijn. Daarbij komt dat juist de inburgering zo belangrijk is om de normen en waarden van dit land bij te blijven, een uitgekleed boetebeleid past niet bij zo’n belangrijk thema als inburgering – een stevige stok achter de deur is juist wat hier noodzakelijk is.

Ook het uitkeringenbeleid is een punt van zorg. Herhaaldelijk heeft onze fractie in commissievergaderingen gevraagd om cijfers van migranten in de Wet Werk en Bijstand. Van de wethouder kregen we enkel te horen dat deze cijfers niet worden bijgehouden door de Sociale Dienst en dus ook niet geleverd kunnen worden. Meten is echter weten en willen we als gemeente de probleemjongeren in een sociale achterstandspositie aanpakken dan zijn dergelijke cijfers van cruciaal belang. Ook wanneer bijvoorbeeld de ouders van probleemjongeren – indien zij onwelwillend zijn - bij wijze van maatregel financieel worden aangesproken. De maatregelen in het kader van krachtwijken volstaan naar ons idee niet, omdat de problemen zich niet beperken tot deze wijken.

Tot slot het cameratoezicht. Dit is nota bene door de PvdA maandenlang tegengehouden en heeft de gemeente ook nog eens 2 ton gekost aan vorderingen van het camerabeveiligingsbedrijf. Willen wij serieus buurten veilig maken en onder controle houden, dan is dit een absoluut noodzakelijke maatregel. Wij hopen dan ook dat deze veiligheidsmaatregelen – in combinatie met voldoende en cordaat inzet van politie en stadswachten – van toepassing zullen blijven.

Uit het jaarverslag van de politie over 2006 blijkt dat we hier ruim 1100 veelplegers tellen, daarvan zijn er 186 die met prioriteit worden behandeld, daaronder 45 minderjarigen. Omdat wij al eerder stelden is meten weten en willen wij daarom graag weten of deze cijfers op dit moment ook nog kloppen en hoeveel minderjarigen er specifiek onder de categorie veelplegers – dus schuldig aan meer dan 10 misdrijven - vallen zonder prioriteitsbehandeling.

Meer in het algemeen zouden wij willen zien dat de cijfers die vandaag door het Veiligheidshuis zijn gepresenteerd structureel aan de raad worden medegedeeld.

Noot: dit betoog is door de PvdA bestempeld als ‘stigmatiserend’ en door de voorzitter van de vergadering (van SP-huize) werd bijna het woord ontnomen omdat het ‘buiten de context’ zou zijn. Wethouder Mittendorf gaf in tweede termijn aan geen reactie te hebben op hetgeen in dit betoog naar voren is gebracht.

Fractie Lijst Pim Fortuyn Eindhoven

19 november 2007